Kindvriendelijke steden en gemeenten

Op deze website vind je informatie over hoe je bouwt aan een kind- en jeugdvriendelijke stad of gemeente, een lokaal bestuur dat streeft naar de realisatie van alle rechten van het kind zoals omschreven in het Kinderrechtenverdrag.

Turnhout

"We streven naar een open, toegankelijke en aangename stad voor iedereen."

Traject doorlopen in 2012

Waarom is Turnhout ingestapt in het project?
Caroline Van den Eynde, jeugdconsulent: "In 2010 koos het schepencollege voor het thema kindvriendelijkheid ter voorbereiding van de visitatiecommissie van het stedenbeleid. Een stadsbrede ambtelijke werkgroep kreeg de opdracht van het schepencollege om kindvriendelijkheid uit te werken. De werkgroep stelde de themapaper 'Kindvriendelijkheid als toetssteen voor een open, toegankelijke en aangename stad voor iedereen' op. In deze themapaper werd een stadsbrede visie op kindvriendelijke stad (waar willen we naartoe?) ontwikkeld. De werkgroep gaf ook een eerste aanzet om –op basis van deze visie- de stedelijke organisatie te screenen, wel zonder inspraak en participatie van kinderen en jongeren.

De visitatiecommissie was positief over de themapaper maar formuleerde nog wel enkele aanbevelingen: kindvriendelijkheid tot een horizontale beleidsprioriteit opwaarderen, in het bestuur en de organisatie verankeren, een samenwerkingsverband rond kindvriendelijkheid structureren en met andere (centrum)steden uitwisselen.

Een stadsbrede visie op kindvriendelijke stad (waar willen we naartoe?) was er door de opmaak van deze themapaper, maar het ontbrak nog aan een strategie (hoe kunnen we er naartoe werken?). We twijfelden niet lang om in 2012 aan het pilootproject kindvriendelijke steden deel te nemen. De doelstellingen van dit project sloten namelijk goed aan bij de aanbevelingen van de visitatiecommissie. Bovendien bleek dit project ook een opportuniteit om kindvriendelijkheid op te nemen in de BBC."

"Dit project bleek een opportuniteit om kindvriendelijkheid op te nemen in het proces van de BBC."

 

Wie was voor jullie cruciaal om mee te hebben in het project?
Hannes Anaf, schepen van jeugd: 

  • "Het schepencollege: draagvlak op politiek niveau is essentieel, in the end bepalen zij de prioriteiten, nemen zij de beslissingen. Kindvriendelijkheid heeft betrekking op verschillende beleidsdomeinen. Andere schepenen moeten er zich in kunnen vinden/profileren. 

  • Het managementteam: zij kunnen ruimte bij de verschillende stadsdiensten/sectoren creëren om kindvriendelijkheid op de agenda plaatsen, om een draagvlak te creëren, om kindvriendelijkheid op te nemen in hun (beleids)planning. Zij hebben ook een helikopterview en zijn met andere woorden goed geplaatst om dwarsverbindingen met verschillende diensten/sectoren te maken.

  • Collega-ambtenaren uit de verschillende sectoren: de jeugddienst kan niet in z’n eentje de acties rond het thema kindvriendelijkheid uitvoeren, de med-werking van andere diensten is noodzakelijk (samen oplossingen zoeken, strategieën/doelstellingen/acties bepalen, budgetten verdelen, politiek draagvlak creëren, …)."

"Het is een continu proces en je moet kindvriendelijkheid blijven agenderen op alle relevante overlegmomenten. "

 

Welke drempels kwam je tegen onderweg?
Caroline Van den Eynde, jeugdconsulent: 
Voor sommige ambtenaren en schepenen is een kindvriendelijk beleid een doelgroepenbeleid. Volgens hen is het moeilijk haalbaar om rekening te houden met kinderen en jongeren én senioren én personen met een handicap, … Het was (en is) moeilijk om hen ervan te overtuigen dat een kindvriendelijk beleid een overwegend mensvriendelijk beleid is.

Hannes Anaf, schepen van jeugd: "Dit project was waardevol om het draagvlak voor kindvriendelijkheid te vergroten. Het is een continu proces en je moet kindvriendelijkheid blijven agenderen op alle relevante overlegmomenten."

Welke kansen bood het project jullie?
Caroline Van den Eynde, jeugdconsulent: "We (jeugddienst, collega-ambtenaren en schepencollege) hebben meer inzicht verworven in het containerbegrip kindvriendelijkheid, waarom het belangrijk is om te werken aan kindvriendelijkheid en welke prioriteiten kinderen en jongeren voorop stellen en hoe deze kunnen aangepakt worden. Deze prioriteiten hebben we (gedeeltelijk) kunnen implementeren in het meerjarenplan. Het project vormde een goede voorbereiding voor de opmaak van het meerjarenplan: met inspraak van kinderen en jongeren over stadsbrede thema’s, in overleg met collega-ambtenaren van verschillende sectoren en met regelmatige terugkoppeling naar het schepencollege.

We hebben ook meer inzicht verworven is wie spilfiguur is, wie mee is en wie nog overtuigd moet worden.

We hebben een intensiever contact opgebouwd met (vooral de ruimtelijke) stadsdiensten:

  • Beter op de hoogte van elkaars werking, projecten, …;
  • Meer afstemming bij de opmaak van het meerjarenplan;
  • Meer interdisciplinaire samenwerking bij de uitvoering van het meerjarenplan. 

Wij, de jeugddienst, worden meer erkend/gevraagd als expert in de leefwereld van kinderen en jongeren. Door deelname aan dit project hebben we ook meer expertise opgebouwd in het opstellen en begeleiden van inspraak- en participatiemethodieken die echt vertrekken vanuit de leefwereld van kinderen en jongeren.

De voorlopige conclusie is dat we geëvolueerd zijn van een jeugdbeleid dat vooral gefocust was op vrijetijds- en welzijnthema’s naar een meer gedragen stadsbreed kindvriendelijk beleid."

"Onze focus is verlegd van de vrijetijds- en welzijnsthema's naar een meer gedragen stadsbreed kindvriendelijk beleid."

 

Wat heb je zelf gedaan, wat onder begeleiding?
Caroline Van den Eynde, jeugdconsulent: "Bij aanvang kreeg ik het mandaat om het gehele project te coördineren. Door een interne taakverdeling werd er voldoende tijd/ruimte voor dit project (en uiteraard de verdere opvolging) vrijgemaakt.

Ik heb zelf voor het belevingsonderzoek bevragingen uitgevoerd. De methodieken werden opgesteld in overleg met VVJ, Kind & Samenleving en enkele collega-ambtenaren.

De resultaten van de bevragingen heb ik telkens teruggekoppeld met de collega-ambtenaren op het strategisch platform kindvriendelijkheid en het schepencollege. Op sommige terugkoppelmomenten (bijvoorbeeld toen de aanbevelingen op schepencollege kwamen) werd VVJ ingeschakeld."

Waarom zouden jullie aan andere gemeenten aanraden om mee te doen?
Hannes Anaf, schepen van jeugd: 

  • "Het helpt je om een draagvlak te creëren voor kindvriendelijkheid bij andere sectoren, het managementteam en het schepencollege;
  • Je kan een structureel samenwerkingsverband rond kindvriendelijkheid uitbouwen;
  • Je brengt uitdagingen (en antwoorden op deze uitdagingen) op vlak van kindvriendelijkheid in kaart;
  • Jeugddienst wordt meer erkend en ingeschakeld als expert in de leefwereld van kinderen en jongeren;
  • Het is een manier om te evolueren naar een meer gedragen stadsbreed kindvriendelijk beleid."